De eeuwherdenking van het einde van de Groote Oorlog gaat ook in Kortenberg niet onopgemerkt voorbij. Daarbij zet de gemeente de vredesgedachte centraal. Er vonden tal van activiteiten plaats. Op de 11 novemberviering in de kerk van Erps sprak burgemeester Chris Taes de mensen toe. 

Geachte oud-strijders en leden van de Militaire Kring Kortenberg,

Geachte collega’s uit het college, de gemeenteraad en het Welzijnshuis,

Geachte Ereburgemeester,

Geachte vertegenwoordigers van de burgerlijke en militaire overheden,

Dames en Heren, 

Op 11 november 1918, vandaag exact honderd jaar geleden, kwam er officieel een einde aan de Eerste Wereldoorlog. In een bos nabij het Franse stadje Compiègne, ongeveer tachtig kilometer ten noorden van Parijs, werd die dag de wapenstilstand gesloten. Vanaf 11.00u die ochtend werd er niet meer gevochten. Vandaag om 11.00u hebben over heel het land alle klokken geluid en namen we een minuut stilte in acht, ter nagedachtenis van het einde van de vijandelijkheden.

Onze gemeente heeft dit jaar grote inspanningen geleverd om het einde van die Groote Oorlog in herinnering te brengen, met o.m. een fietstocht voor de vrede, een herdenkingsconcert, een voorleesmiddag, de planting van een vredesboom, een bevrijdingsbal, een poëzielezing, een uitstap naar de Westhoek, een boekvoorstelling, een historisch wandelpad en de tentoonstelling ‘Diep in het geheugen van de papavers’. Daarmee wil Kortenberg de hartenkreet levendig houden die honderd jaar geleden luid weerklonk: “Nooit meer oorlog!”

Die wens koesteren we allemaal. Maar wat hebben we persoonlijk én als samenleving over voor vrede in ‘de’ wereld, voor vrede in ‘onze’ wereld?

De periode na 1918 en voor 1939 noemen we het ‘interbellum’, de periode tussen twee wereldoorlogen. Want ondanks de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog en de diepe overtuiging dat zoiets nooit meer mocht gebeuren, groeide al gauw een maatschappelijk en politiek klimaat dat nauwelijks twintig jaar later zou leiden tot een nieuwe mondiale catastrofe.

Het is goed dat in het achterhoofd te houden wanneer we de actualiteit van vandaag bekijken. Historica Sophie De Schaepdrijver, zei daarover in een interview twee weken geleden het volgende: “We leven in een wereld die zeker vergelijkbaar is met die van 1914. Je hebt twee grootmachten, de VS en Rusland, die oorlogszuchtige geluiden maken en bereid zijn tot geweld, maar het is onduidelijk wat hun ‘endgame’ is. Zo riskeren we een totaal open eindspel.”

Wie vrede wil, moet niet naïef zijn. We moeten geen vrede zoeken uit angst of uit zwakheid. Dan zijn er zeker kapers op de kust die dat gebrek aan weerbaarheid zullen uitbuiten en die van de gelegenheid gebruik zullen maken om ons te belagen. Op politiek, economisch of sociaal vlak. Of erger.

Daarom zullen verstandige investeringen in defensie en in vastberaden ‘peacekeeping’ noodzakelijk blijven. En hoe onstabieler het geopolitieke klimaat wordt, des te alerter we op dat vlak zullen moeten zijn. We kunnen het ons niet veroorloven alleen maar van ‘anderen’ afhankelijk te blijven. We zullen het heft, minstens gedeeltelijk, in eigen Europese handen moeten nemen.

Maar wie echt vrede wil, moet meer doen dan oorlog vermijden. De vrede van het hart is anders dan de vrede van de blauwhelm. Als gemeenschap én als persoon hebben we de opdracht de wereld beter, duurzamer en aangenamer te maken. Voor onszelf én voor wie na ons komt.  

Wie echt vrede wil, moet durven opkomen tegen de toenemende verharding en ontmenselijking van onze maatschappij, tegen verdoken of openlijke vreemdelingenhaat, tegen onverdraagzaamheid en verzuring, tegen onversneden egoïsme en nodeloze polarisering. We moeten toch iéts geleerd hebben in de loop van onze beschavingsgeschiedenis, zodat we niet langer de behoefte mogen voelen om elkaar met een figuurlijke knots en knuppel te lijf te gaan...

Wie echt vrede wil, moet economische, sociale en politieke omstandigheden creëren die niet alleen het eigen kortetermijnprofijt beogen, maar die win-win-situaties creëren waarbij iedereen de last én de lust kan delen.

Wie echt vrede wil moet de dialoog durven aan te gaan, ook en vooral met andersdenkenden en andersvoelenden, moet bereid zijn in de eigen geest en in het eigen hart te evolueren, moet werkelijk luisteren naar anderen, moet bereid zijn te delen en te geven, moet durven vergeven, moet samenleven bevorderen, moet uitsluiting tegengaan, moet niet alleen willen krijgen, maar ook willen geven, moet ‘mens’ zijn ‘onder de mensen’ en moet anderen in hun eigenwaarde bevorderen.

Ik wens en hoop oprecht dat onze gemeente in de toekomst het voortouw blijft nemen in het promoten van duurzame, actieve vrede, niet alleen bij ‘de anderen’, maar ook bij onszelf.

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookie Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.